Hoe werkt een EEG?

Met een EEG (elektro-encefalogram) wordt de elektrische activiteit van je hersenen gemeten. Een andere naam voor een EEG is hersenfilmpje. Met dit onderzoek kan de neuroloog afwijkingen in je hersenactiviteit opsporen die passen bij epilepsie.

Wat meet een EEG?

Je hersenen geven voortdurend elektrische signalen af. Een EEG meet deze signalen. De neuroloog kijkt of er afwijkingen te zien zijn die kunnen wijzen op epilepsie. Een EEG is een momentopname. Daarom zijn afwijkingen niet altijd te zien, ook niet als je epilepsie hebt.

Elektroden op je hoofd

Voor het onderzoek krijg je kleine metalen plaatjes (elektroden) op je hoofd. Soms wordt een speciale muts met elektroden gebruikt. De elektroden zijn met draden verbonden aan een computer. Het plaatsen van de elektroden kan wat vervelend voelen, maar het onderzoek doet geen pijn.

Wat gebeurt er tijdens een EEG?

Tijdens het onderzoek zit of lig je meestal rustig. Soms vraagt de onderzoeker je om je ogen te openen en te sluiten, diep adem te halen of naar een knipperende lamp te kijken. Zo kan de onderzoeker zien hoe je hersenen reageren. De elektrische activiteit van je hersenen wordt opgeslagen op een computer.

Wat is er op een EEG te zien?

Bij mensen met epilepsie zijn soms bijzondere patronen te zien in de elektrische activiteit van de hersenen. Bijvoorbeeld pieken of piekgolven. Deze kunnen wijzen op epilepsie, ook als je tijdens het onderzoek geen aanval hebt.

Wat betekent de uitslag van een EEG?

Een EEG laat niet altijd afwijkingen zien. Een normale uitslag betekent daarom niet automatisch dat je geen epilepsie hebt. Soms is extra EEG-onderzoek nodig. De neuroloog bekijkt de uitslag samen met je klachten en andere onderzoeken.

Welke soorten EEG zijn er?

Er zijn verschillende soorten EEG-onderzoek. Meestal krijg je eerst een standaard-EEG. Soms is een ander EEG nodig om meer informatie te krijgen over je aanvallen.