Medicamenteuze behandeling
De meeste mensen met epilepsie worden behandeld met medicijnen. De behandeling met medicijnen duurt meestal jaren, soms het hele leven lang. Daarom wordt de behandeling pas gestart als de diagnose gesteld is en men zonder medicijnen opnieuw aanvallen kan verwachten. Na een eerste aanval worden vaak nog geen medicijnen voorgeschreven, omdat de kans bestaat, dat er nooit een tweede aanval komt.
Soms geen medicijnen
Als de gevolgen van een aanval niet ernstig zijn, bijvoorbeeld bij sporadisch voorkomende lichte wegrakingen, hoeven aanvallen niet altijd behandeld te worden. Wel moet er rekening mee gehouden worden dat ook het hebben van lichte wegrakingen de rijvaardigheid beïnvloedt. (Meer informatie hierover is te vinden in de brochure 'Epilepsie en rijgeschiktheid'.) Aanvallen die alleen 's nachts optreden hoeven ook niet altijd behandeld te worden. Ook kunnen medicijnen soms achterwege blijven wanneer de aanvallen veroorzaakt worden door een aanleiding die eenvoudig te vermijden is, bijvoorbeeld lichtflitsen.
Doel van de medicijnen is het voorkomen van aanvallen. Deze medicijnen worden daarom ook wel anti-epileptica genoemd. Ze zorgen er in de meeste gevallen voor dat er geen of nauwelijks meer aanvallen optreden. Bij ongeveer 75 procent van de mensen met epilepsie is dit het geval. Soms lukt het snel de aanvallen te onderdrukken, maar het kan ook maanden duren. De medicijnen onderdrukken het overmatig ontladen van de hersencellen. Ze kunnen de epilepsie zelf niet genezen.
Als de keus op een behandeling met medicijnen valt, moeten mensen wel overtuigd zijn van het nut daarvan. Een opgedrongen behandeling is gedoemd te mislukken, omdat medicijnen alleen werken wanneer ze trouw dagelijks worden ingenomen. Op grond van het soort aanvallen en de vorm van epilepsie wordt een medicijn gekozen. In principe het middel dat bij dat type epilepsie de meeste kans maakt om effectief te zijn en dat zo min mogelijk bijwerkingen heeft.
Wanneer het middel van eerste keuze niet effectief blijkt te zijn, kunnen andere middelen geprobeerd worden of combinaties van medicijnen. Als mensen aanvalsvrij zijn geworden, dienen zij de medicijnen langdurig te blijven gebruiken. Regelmatig innemen is belangrijk; na het overslaan van één of meerdere doses wordt de kans op aanvallen groter. Controle op effect en bijwerkingen blijft noodzakelijk zolang chronisch medicijnen worden gebruikt.
Als het de behandelend arts niet lukt om iemand goed in te stellen op medicijnen, kan de persoon na verloop van tijd doorverwezen worden naar één van de twee epilepsiecentra die in Nederland gevestigd zijn of naar één van de daaraan verbonden poliklinieken. Voor kinderen met een niet goed instelbare epilepsie kan ook advies worden gevraagd aan de kinderneurologische afdelingen van academische ziekenhuizen.
Stoppen met medicijnen
Het is belangrijk nooit ineens met het innemen van de medicijnen te stoppen. Dit kan namelijk ernstige aanvallen uitlokken. Overleg altijd met uw arts wanneer u de medicijnen wilt verminderen of af wilt bouwen.
Na een aanvalsvrije periode van enkele jaren kunnen medicijnen vaak worden afgebouwd. Er kan worden gestopt zonder dat de aanvallen terugkomen. Te vroeg stoppen geeft echter meer kans op het terugkeren van de aanvallen. In het algemeen houdt men bij kinderen een aanvalsvrije periode van twee jaar aan, bij volwassenen van gemiddeld vier jaar. Of de medicijnen gestopt kunnen worden hangt onder andere af van de lengte van de periode waarin men aanvallen heeft gehad en van de aard van de epilepsie. Iemand die slechts enkele aanvallen heeft gehad en met medicijnen snel aanvalsvrij is geworden, heeft meer kans aanvalsvrij te blijven na het stoppen van de medicijnen dan iemand die pas na vele jaren aanvalsvrij is geworden en daarvoor een combinatie van verschillende medicijnen nodig had.
Bij partiële (gelokaliseerde) vormen van epilepsie kan vaker met succes gestaakt worden dan bij de gegeneraliseerde epilepsievormen. Deze laatste hebben weer het voordeel dat er meestal sneller een geschikt medicijn wordt gevonden. Wanneer de medicijnen bij iemand met een lokalisatiegebonden vorm van epilepsie na vier jaar zonder aanvallen gestaakt kan worden, is de kans op het terugkeren van de aanvallen ongeveer dertig procent. Bij gegeneraliseerde epilepsievormen is die kans 50 procent.
Meer informatie over medicijngebruik bij epilepsie, bijwerkingen, de verschillende soorten medicijnen kunt u lezen in de brochure 'Epilepsie en medicijnen': bestellen.
Op www.Medischestartpagina.nl vindt u, naast informatie over medische onderwerpen, ook informatie over medicijnen.
Op www.meldpuntmedicijnen.nl kunt u al uw ervaringen met medicijnen melden: de slechte of juist goede werking van een medicijn, bijwerkingen die zijn opgetreden, ervaringen met de plaatselijke apotheek, een lastige verpakking of de vergoeding door de zorgverzekeraar. De meldingen worden verzameld en opvallende zaken of trends worden gemeld aan artsen, fabrikant, zorgverzekeraar, overheid, of patiëntenorganisatie als bron voor verbetering.
Tip: Farmacotherapeutisch Kompas
Het Farmacotherapeutisch Kompas van het College voor zorgverzekeringen biedt informatie over in Nederland verkrijgbare geneesmiddelen. Alle geneesmiddelen zijn voorzien van duidelijke voorschrijf- en toepassingadviezen. www.fk.cvz.nl



