Absence

Bij een absence ben je kort afwezig. Je staart een paar seconden voor je uit. Soms zijn er kleine schokjes in je handen. Of je ogen draaien weg. Daarna ga je vaak weer door met wat je aan het doen was. Deze aanval komt het meest voor bij kinderen.

Hoe ziet absence eruit?

  • Je bent kort ‘afwezig’. Zo’n 3 tot 30 seconden.
  • De aanval begint en eindigt plotseling.
  • Soms zijn er kleine subtiele schokjes in je handen of buigt je hoofd iets voor- of achterover.
  • Je ogen kunnen wegdraaien of even knipperen.
  • Je verliest kort je bewustzijn en houdt op met waar je mee bezig was. Je valt meestal niet.

Filmpje

In dit filmpje zie je hoe een meisje in de klas een absence krijgt en je krijgt tips voor eerste hulp.

Absences zijn moeilijk te herkennen

Absences lijken op dagdromen. De aanvallen duren zo kort, dat ze vaak niet opvallen. Toch zijn kinderen, bij wie deze aanval meestal voorkomt, echt even ‘afwezig’. Ze missen daardoor stukjes informatie, zoals op school. Tijdens een aanval kunnen ze niks horen, leren of onthouden. Absences worden vaak pas ontdekt als de schoolprestaties achteruit gaan. Soms zijn er namelijk wel tien tot honderd aanvallen per dag.

 

Absences bij kinderen

Absences komen het meest voor op jonge leeftijd, bij kinderen op de basisschool. Ze komen vaker voor bij meisjes dan bij jongens.

Lees meer over absences (op school). 

Lees meer over andere soorten aanvallen.

Veelgestelde vragen

Een absence is een korte epileptische aanval. Je bent een paar seconden afwezig, staart voor je uit en reageert niet. Soms knipperen je ogen of maak je kleine schokjes. Daarna ga je meestal meteen verder met wat je deed. Absences komen vooral bij kinderen voor.

Lees meer over soorten epileptische aanvallen.

Petit mal is een oude naam voor een absence. Tegenwoordig gebruiken we meestal het woord absence.

Bij een absence ben je even afwezig. Je staart voor je uit en reageert niet. Daarna ga je meestal gewoon verder met wat je aan het doen was.

Bij een absence hoef je meestal niets te doen. Blijf rustig en zorg dat de persoon veilig is. Wacht tot de absence voorbij is. Dit duurt meestal maar een paar seconden. Vertel daarna zo nodig wat er tijdens de absence is gebeurd. Bijvoorbeeld als iemand een stukje van een gesprek heeft gemist.

De arts vraagt wat er tijdens de aanvallen gebeurt. Vaak wordt ook een EEG gemaakt. Dit is een onderzoek waarbij de elektrische activiteit in je hersenen wordt gemeten. Soms moet je kind tijdens het EEG een paar minuten diep ademhalen. Dit kan helpen om een absence op het EEG te zien.

Absences ontstaan door een tijdelijke verstoring van de elektrische activiteit in de hersenen. Erfelijke aanleg kan een rol spelen. Absences komen voor bij verschillende epilepsiesyndromen. Een epilepsiesyndroom is een vorm van epilepsie met bepaalde kenmerken. Bijvoorbeeld het soort aanvallen en de leeftijd waarop ze beginnen.

Lees meer over epilepsiesyndromen.

Absences worden meestal behandeld met anti-aanvalsmedicijnen. Welk medicijn het beste werkt, hangt onder andere af van de vorm van epilepsie en de soorten aanvallen die je kind heeft. Sommige medicijnen kunnen bepaalde soorten aanvallen juist erger maken. Daarom is het belangrijk dat de kinderneuroloog of kinderarts goed onderzoekt pm welke vorm van epilepsie het gaat.

Absences komen vooral voor bij kinderen, maar ook jongeren en volwassenen kunnen ze krijgen. Absences komen voor bij verschillende epilepsiesyndromen. De leeftijd waarop de aanvallen beginnen, helpt de arts om te bepalen welke vorm van epilepsie iemand heeft.

Bij veel kinderen verdwijnen absences als ze ouder worden. Maar dit gebeurt niet bij iedereen. Soms blijven de aanvallen bestaan of ontstaan later andere soorten epileptische aanvallen. Hoe dit verloopt, hangt onder andere af van de vorm van epilepsie.