Ouderen

De laatste jaren stijgt het aantal ouderen met epilepsie snel. Dat komt omdat steeds meer mensen ouder worden en de kans op epilepsie met het ouder worden toeneemt. In Nederland hebben ruim 120.000 mensen epilepsie. Ongeveer een kwart van hen is 55 jaar of ouder. Een veelvoorkomende oorzaak van epilepsie op latere leeftijd is een hersenbloeding of -infarct. Na het 75e levensjaar is de kans op epilepsie het grootst.

Herkennen van aanvallen bij mensen op latere leeftijd

Op latere leeftijd komen tonisch-clonische aanvallen (grote aanvallen) minder vaak voor. Ouderen hebben vaker focale aanvallen met verminderde gewaarwording. Dat zijn aanvallen waarbij het bewustzijn verstoord is. Tijdens de aanvallen lopen ze vaak doelloos rond of ze gaan spullen verplaatsen. Deze aanvallen kunnen moeilijk te herkennen zijn. Er wordt vaak gedacht dat iemand verward is en dat dit door de leeftijd komt. Doordat ouderen bovendien soms meerdere aandoeningen hebben, kan het lastig zijn een epileptische aanval te herkennen.

Medicijnen

Epilepsie wordt meestal behandeld met medicijnen tegen epilepsie (anti-epileptica). Omdat anti-epileptica bijwerkingen kunnen veroorzaken, is het belangrijk om onder controle van een neuroloog te blijven. Op latere leeftijd functioneren de lever en nieren soms wat minder goed, waardoor iemand meer kans op bijwerkingen heeft. Bovendien gebruiken veel ouderen ook andere medicijnen. Sommige anti-epileptica kunnen de werking van deze medicijnen beïnvloeden.

Meer informatie kunt u lezen in Epilepsie op latere leeftijd. Hierin staat informatie over de oorzaken van epilepsie, de verschillende soorten aanvallen, psychische en sociale gevolgen, onderzoeken, diagnose en behandeling.