Partiële aanvallen

Bij partiële aanvallen begint de verstoring van de elektrische prikkeloverdracht in een bepaald gedeelte van de hersenen. Er is een overmatige ontlading van zenuwcellen op één plek. De plek van deze ontlading wordt ook wel de epileptische haard of focus genoemd.

Verschijnselen bij partiële aanvallen

De verschijnselen bij partiële aanvallen zijn heel verschillend. Deze zijn afhankelijk van het gedeelte van de hersenen waarin de stoornis optreedt. Bij sommige aanvallen blijft iemand bij bewustzijn, bij andere aanvallen is het bewustzijn verstoord. Een partiële aanval kan zich uitbreiden naar beide hersenhelften. Dan wordt het een gegeneraliseerde aanval. In dat geval spreekt men van een secundair gegeneraliseerde aanval.

Soorten partiële aanvallen

Eenvoudig partiële aanvallen

Bij eenvoudig partiële aanvallen blijft de aanval beperkt tot een klein deel van de hersenen. Het bewustzijn blijft helder. Mensen beseffen dus goed dat ze een aanval hebben en kunnen vertellen wat ze tijdens een aanval beleven. De duur kan zeer verschillend zijn, van seconden tot minuten. Eenvoudig partiële aanvallen zijn soms zo licht dat anderen de aanval niet opmerken. Onder aan deze pagina staat een informatief filmpje over eenvoudig partiële aanvallen. Een voorbeeld van een eenvoudig partiële aanval staat op Aanvallen in beeld.

Wat gebeurt er tijdens een aanval?
De ervaringen tijdens een eenvoudig partiële aanval zijn heel verschillend. Iemand kan bijvoorbeeld spiertrekkingen hebben, maar ook onaangename geuren ruiken. Ook kan het voorkomen dat iemand bleek wordt, of zich zonder aanwijsbare reden opeens angstig of juist erg blij voelt. Wat iemand ervaart, is afhankelijk van het deel van de hersenen dat meedoet. Elk deel van de hersenen heeft zijn eigen taak.

Verschillende vormen van eenvoudig partiële aanvallen:

  1. Motorische aanvallen: deze aanvallen zijn van invloed op het bewegen.
  2. Sensorische aanvallen: deze aanvallen zijn van invloed op het zien, horen, voelen, proeven en ruiken.
  3. Autonome aanvallen: het autonoom zenuwstelsel bestuurt de inwendige organen (hart, maag darmen) en de huid. Bij autonome aanvallen komen verschijnselen voor als bleek worden, kippenvel, transpireren, hartkloppingen, maagkrampen of opstijgende gevoelens in de buik.
  4. Psychische aanvallen: hieronder verstaat men epileptische aanvallen met verschijnselen die te maken hebben met de psychische functies, zoals stemmingsveranderingen (plotseling somber worden), onverklaarbare angst, vreemde gedachten, waarnemen (hallucinaties) herinneringen (déjà vu).

1. Motorische aanvallen
De ontladingen kunnen in de buurt van de motorische centra in de hersenen liggen. Dit is het gedeelte dat lichaamsbewegingen regelt. Dan kunnen de aanvallen bestaan uit heel plaatselijke motorische verschijnselen, zoals trekkingen of schokken in een hand. Soms blijven deze verschijnselen beperkt tot een of enkele spiergroepen.

Jackson aanval
Een voorbeeld van een motorische aanval is de Jackson aanval. Hierbij breidt het gebied van de ontlading zich geleidelijk uit, steeds meer spiergroepen gaan meedoen. De aanval kan bijvoorbeeld beginnen in de duim en vervolgens overgaan op de hand, de arm, de romp en tenslotte het been. Een dergelijk verloop noemt men de Jacksonion March en de aanval een motorische Jackson aanval. Gaat vervolgens ook de andere lichaamshelft meedoen dan verliest de persoon meestal het bewustzijn en is de aanval niet meer eenvoudig partieel. Deze wordt dan secundair (in de tweede plaats) gegeneraliseerd (tonisch-clonische of grote aanval).

Ook kan de aanval zich vanuit de plaats van herkomst zodanig uitbreiden dat bepaalde spiergroepen zich gaan samentrekken (tonisch). Het lichaam wordt dan verdraaid of gebogen in de richting van de plaats waar de samentrekkingen het hevigst zijn. Ook kan de aanval gepaard gaan met spraakproblemen, knipperen met of wegdraaien van de ogen.

2. Sensorische aanvallen
Bij sensorische aanvallen zien mensen lichtflitsen, blinde vlekken, of soms hele taferelen, zoals 'explosies' van kleur en beelden. Ook andere verschijnselen komen voor:

  • Het horen van geluiden: suizen of doofheid, soms woorden of muziek.
  • Het proeven van: (meestal onaangename) smaken en geuren.
  • Het ervaren van gevoel: plaatselijk tintelen, een doof gevoel of gevoelloosheid in een bepaald lichaamsdeel.

3. Autonome aanvallen
Bij autonome aanvallen kan iemand transpireren, blozen, hartkloppingen of kippenvel krijgen. Ook komt pupilverwijding voor en veranderingen in de ademfrequentie. Het meest bekend is het zogenoemde 'epigastrische aura', een raar, soms misselijk makend gevoel in de bovenbuik (epigastrum) dat opstijgt naar het hoofd.

4. Psychische aanvallen (vanuit de gevoelsbeleving)
Bij psychische aanvallen kunnen verschillende verschijnselen voorkomen:

  • Hallucinaties: het proeven, ruiken, horen of zien van dingen die er niet zijn.
  • Emotionele verwardheid: zoals paniekaanvallen die vaak gepaard gaan met misselijkheid, duizeligheid en een warm gevoel in de maag dat via de keel omhoog stijgt.
  • Geheugenstoornissen: het hebben van een gevoel dat iets al eens eerder gebeurd is (déjà vu) of juist een gevoel dat de wereld compleet vreemd is (jamais vu).
  • Droomtoestanden: mensen hebben een onwezenlijk gevoel over zichzelf of de rest van de wereld.

Overgang naar complex partieel en/of gegeneraliseerd
Een eenvoudig partiële aanval kan overgaan in een complex partiële aanval en/of gegeneraliseerde aanval. Het bewustzijn raakt dan verstoord. Als de aanval overgaat in een gegeneraliseerde tonisch-clonische aanval (grote aanval) spreekt men over een secundair gegeneraliseerde aanval. Het eenvoudige, partiële begin noemt men aura. Als de aura lang genoeg duurt, kunnen mensen voorzorgsmaatregelen nemen voordat de tonisch-clonische (grote) aanval begint.

Onderstaand filmpje is afkomstig van de dvd Epilepsie in beeld. Een voorbeeld van een eenvoudig partiële aanval staat op Aanvallen in beeld.

Complex partiële aanvallen

Bij complex partiële aanvallen is het bewustzijn min of meer verstoord. De toevoeging complex betekent dat het bewustzijn geheel of gedeeltelijk verdwenen is. De verschijnselen zijn heel verschillend. Soms heeft iemand alleen een (sterk) verlaagd bewustzijn, de persoon staart voor zich uit en reageert niet op aanspreken. Dit wordt vaak verward met absence. Vaak zijn er automatismen; deze zijn subtiel (friemelen, smakken), of onrustig (uitkleden, weg willen lopen), of heftig (trappelen, dreigend of agressief gedrag). Onder aan deze pagina staat een informatief filmpje over complex partiële aanvallen. Twee voorbeelden van dit type aanval staan op Aanvallen in beeld.

Aura
Complex partiële aanvallen worden vaak voorafgegaan door een aura, dit is in feite een partieel aanvalletje. Dit partiële begin duurt maar enkele seconden en bestaat vaak uit een opstijgend gevoel vanuit de maagstreek, een vreemd onbestemd gevoel dat langs de slokdarm omhoog trekt. Ook een déjà vu-gevoel (het gevoel dat iets al eerder gebeurd is) of een gevoel van onwerkelijkheid komt vaak voor. Soms heeft iemand een vieze smaak in de mond of ruikt iets vreemds. Ook andere verschijnselen kunnen optreden. Zie bij eenvoudig partiële aanvallen. Soms blijft het bij deze verschijnselen, soms zet de aanval door en daalt het bewustzijn verder.

Temporale en frontale aanvallen
Net als bij eenvoudig partiële aanvallen kunnen er, afhankelijk van de plaats van ontlading, bij complex partiële aanvallen verschillende soorten aanvallen optreden. De bekendste zijn de temporale aanvallen en de frontale aanvallen. De temporale aanvallen komen vanuit de temporaalkwab (slaapkwab) van de hersenen. De frontale aanvallen komen vanuit de frontaalkwab (voorhoofdskwab) van de hersenen. Ongeveer driekwart van de complex partiële aanvallen komt vanuit de temporaalkwab en één kwart vanuit de frontaalkwab.

(Temporaal) complex partiële aanvallen
Het bewustzijn raakt geleidelijk verstoord, eventueel na een aura, waardoor mensen niet weten wat er gebeurt. Ze reageren nergens op, zelfs niet op pijnprikkels. Wanneer ze bijvoorbeeld tijdens de aanval in aanraking komen met hete voorwerpen, voelen ze dat niet en kunnen ze zich daardoor ernstig branden. Wanneer ze worden aangesproken, volgt meestal geen reactie en zeker geen juist antwoord. Mensen in de omgeving worden niet herkend. De blik is starend, het is alsof ze door je heen kijken. Verder zien ze bleek of lopen rood aan en ze hebben verwijde pupillen. Vaak is er ook wat speekselvloed.

Automatismen
Sommige mensen vertonen vreemd gedrag tijdens de aanval. Ze verrichten doelloze handelingen zoals friemelen, plukken, schuifelen, rondlopen en het openen van kasten en deuren. Deze handelingen worden automatismen genoemd. Ook kunnen ze vreemde bewegingen maken met het gezicht: grimassen, tuit- en fluitbewegingen met de mond, likken en smakken. Sommige mensen hebben obsessies. Zij kunnen bepaalde gedragingen niet stoppen en blijven bijvoorbeeld een woord steeds herhalen. Het komt zelfs voor dat deze aanvallen voor een psychiatrische aandoening worden aangezien.

Voorkom gevaarlijke situaties met zachte hand
Tijdens een (temporaal) complexe partiële aanval kunnen mensen in een toestand van verlaagd bewustzijn zichzelf in gevaar brengen, bijvoorbeeld door de straat op te lopen. Plotseling vastpakken of hen met geweld tegenhouden kan verkeerd worden opgevat. Mensen kunnen zich heftig verweren en soms zelfs agressief reageren. Dit heeft met het verlaagde bewustzijn te maken. Het beste is gevaarlijke situaties met zachte hand te voorkomen. Spontaan agressief gedrag tijdens epileptische aanvallen komt bijna nooit voor.

Na de (temporaal) complex partiële aanval
Na een paar minuten keert het bewustzijn terug. Vaak volgt eerst nog een korte periode van desoriëntatie. De meeste mensen hebben dan last van hoofdpijn of vermoeidheid. Soms zijn er geen klachten. Wanneer er geen aura is geweest en ook geen hoofdpijn of andere klachten, weten mensen dikwijls niet dat ze een aanval hebben gehad.

(Frontaal) complex partiële aanvallen
Belangrijke kenmerken van complexe partiële aanvallen vanuit de frontaalkwab zijn:

  • plotseling opkomen en eindigen van de aanval;
  • korte duur (secondes);
  • bewustzijnsverlies;
  • voor zich uit staren;
  • het uitstoten van willekeurige klanken (vocalisatie);
  • tonische (verkrampte) houding van beide armen met repeterende bewegingen van de armen;
  • lachen of schreeuwen;
  • fietsende bewegingen met de beide benen;
  • wegdraaien van hoofd en ogen.

Aanvallen tijdens de slaap
Een voorbeeld van frontale aanvallen zijn aanvallen die vooral voorkomen tijdens de slaap en kort duren. Deze aanvallen komen niet vaak voor. Ze treden vaak meerdere malen per nacht op en verlopen vaak identiek. De verschijnselen zijn bizar, met schreeuwen, schelden, in de handen klappen, fietsbewegingen en trappelen met de voeten. Mensen met zo'n aanval rollen vaak uit bed, krabbelen meteen weer overeind, kruipen onder de dekens en slapen weer verder. De aanval kan met een nachtmerrie en vooral met een hysterische aanval verward worden.

Alle complex partiële aanvallen kunnen overgaan in tonisch-clonische (grote) aanvallen. Dan spreekt men van secundair gegeneraliseerde aanvallen.

Onderstaand filmpje is afkomstig van de dvd Epilepsie in beeld. Twee voorbeelden van complex partiele aanvallen staan op Aanvallen in beeld.

Secundair gegeneraliseerde aanvallen

Elke partiële aanval kan in principe overgaan in een secundair gegeneraliseerde aanval. De plaatselijke ontlading breidt zich dan uit over de gehele hersenen, dus beide hersenhelften, links en rechts. Na een eenvoudige en/of complex partiële aanval volgt dan een gegeneraliseerde aanval. Meestal is dit een grote aanval (gegeneraliseerde tonisch-clonische aanval). Een dergelijke aanval noemt men secundair gegeneraliseerd, omdat de aanval pas in tweede instantie overgaat in een grote aanval.