Epidemiologie
In het woord epidemiologie is het woord epidemie terug te vinden. Epidemiologie is de kennis over het vóórkomen van ziekten onder de bevolking. Epidemiologisch onderzoek is alleen waardevol als dit onder de gehele bevolking wordt gedaan. Tot nu toe zijn geen exacte cijfers beschikbaar over het voorkomen van epilepsie. Epilepsie komt waarschijnlijk niet gelijkmatig verdeeld over de wereld voor, zelfs niet in geïndustrialiseerde landen.
Het houden van een epidemiologisch onderzoek onder de bevolking is een zeer omvangrijk werk. Er zijn zowel in het buitenland als in Nederland kleine onderzoeken gedaan naar het voorkomen van epilepsie, maar deze mogen niet de naam hebben van epidemiologisch onderzoek omdat de omvang te beperkt was. Bovendien is er een natuurlijk verloop in de groep patiënten: vrijwel dagelijks komen er nieuwe gevallen van epilepsie bij of overlijdt iemand met epilepsie door de een of andere oorzaak. Dit alles maakt het ingewikkeld een juist inzicht te krijgen in de stand van zaken over epilepsie.
Prevalentie/incidentie
De prevalentie (het voorkomen van) onder de totale bevolking wordt geschat op 0,7 - 0,8% met een jaarlijkse incidentie (aantal nieuwe gevallen) van ongeveer 4 per 10.000 mensen. Voor Nederland betekent dit jaarlijks ruim 6.000 nieuwe gevallen bij een totaal van 100.000 tot 120.000 mensen met epilepsie.
Epilepsie debuteert meestal op jeugdige leeftijd, met een vrij sterke nadruk op de eerste levensjaren. In circa 70% van de gevallen openbaart de aandoening zich voor of rond het twintigste levensjaar. Dan volgt een periode tussen het 20e en 60e jaar waarin relatief weinig nieuwe gevallen zich voordoen. Na het 60e jaar is er weer een grotere kans om epilepsie te krijgen, stijgend met het toenemen van de leeftijd.
Mensen met een hersenbeschadiging hebben een grotere kans om epilepsie te krijgen dan de gemiddelde bevolking. Deze hersenbeschadiging kan ontstaan zijn voor of tijdens de geboorte, door een ongeval, een infectie. Bij mensen ouder dan 60 jaar is een hersenbloeding- of infarct de meest voorkomende oorzaak van epilepsie.
In ongeveer 70% van de gevallen is de oorzaak onbekend. Mannen hebben ongeveer 15% meer kans om epilepsie te krijgen dan vrouwen. Dit geldt voor vrijwel alle aanvalstypen behalve absences. Die komen bijna tweemaal vaker voor bij meisjes dan bij jongens.
Bij verstandelijk gehandicapten mensen is de prevalentie aanzienlijk hoger. Van de circa 40.000 mensen die in Nederland worden verzorgd in instellingen voor verstandelijk gehandicapten heeft ruim 30% een vorm van epilepsie.


